Antwoorden week 12 van 08-06-2020


Vraag 1:

De verantwoordelijkheid aan tafel voor de juiste spellen in de juiste richting, ligt:

A. bij de noord speler
B. bij de zuid speler
C. bij alle spelers


 Vraag 2:

Na de laatste pas moeten de biedkaartjes:

A. meteen worden opgeruimd.
B. blijven liggen tot wordt uitgekomen
C: worden opgeruimd zodra duidelijk is dat geen van de spelers ze nog wil bekijken.


Vraag 3:

Je past, maar ziet dan dat een aas verscholen zat achter een andere kaart. Je hebt geen 11 maar 15 punten.

A. Zolang jouw linker tegenstander niet heeft geboden mag je die pas corrigeren.
B. Zolang jouw partner niet heeft geboden mag je die pas corrigeren.
C. Je mag in geen enkel geval de pas corrigeren.


Vraag 4:

Tijdens de zesde slag kom je tot de ontdekking dat je in de vierde slag hebt verzaakt.

A: Dat hoor je direct te melden.
B: Dat hoef je niet te melden, maar dat is wel een beetje onsportief.
C. Dat hoef je niet te melden, en dat heeft niets te maken met onsportief


Vraag 5:

Na partners 1SA – doublet – bied jij 2 HARTEN als echt voor de hartens.
Je partner alerteert en legt desgevraagd uit dat jij daarmee lengte SCHOPPEN belooft.
Jij weet echter zeker dat partner zich vergist; na een doublet is 2 HARTEN echt.

A: Je mag tijdens het bieden niets laten merken van partners verkeerde uitleg.
B: Je moet de verkeerde uitleg meteen corrigeren.
C: Je moet – zonder iets te zeggen – opstaan en naar de arbiter stappen.